De stem van vuur

Gelezen door: André Oyen (3211 boeken)

Citaat: " Alles is vuur dacht hij. Alles is wat vuur achterlaat, en wat daar tussenin zit, staat in brand. As, rook, walm, hitte en vooral gloed."

Meine Fernhout (Velsen, 1946) studeerde sociale wetenschappen met filosofie als bijvak in Amsterdam en Utrecht alsmede museologie in Leiden. Hij was vervolgens werkzaam als kunstcriticus, maker van tentoonstellingen in het Frans Halsmuseum in Haarlem, docent in het kunstonderwijs en ten slotte directeur van de Academie voor Beeldende Vorming in Amsterdam. Zijn Debuutroman 'De blinde kamer' uir 2015 is een mooi en intelligent boek dat op een heel geraffineerde manier het bewustwordingsproces van de hoofdpersoon toont. De auteur is een uiterst bekwaam stilist en hanteert een prachtige taal die zowel, filosofisch, beeldend als poëtisch is. Dat boek had me ongelooflijk getroffen. Ik had op voorhand nog nooit van de auteur gehoord en dan debuteert hij meteen met een werk dat je tijdens lezing een opdoffer verkoopt zowel door inhoud als door zijn prachtige taal. Het bewustwordingsproces van de hoofdpersoon is ook in zijn tweede roman De stem van het vuur een heel belangrijk item. Derk en Aartje hebben elkaar ontmoet tijdens zijn gastles met een vlammend betoog over Who’s Afraid of Red, Yellow and Blue?”. Het is gemaakt door Barnett Newman een Amerikaanse kunstschilder van Poolse afkomst. Het doek eorgde voor heel wat deining. Het begon al met de aanschaf van het enorme abstracte doek dat bestond uit een meterslang rood vlak met links en rechts dunne banen van geel en blauw. Liefhebbers van realisme was het kunstwerk een doorn in het oog. Zowel in Duitsland als Nederland vielen ze verschillende versies van het doek aan. Een mes in de hand van een Willink-fan bracht reusachtige schade toe. Het gevolg in het Stedelijk Museum te Amsterdam was een schilderij dat je niet meer kon tentoonstellen. Het werd, na lang beraad en voor een flink bedrag, door een vriend van de inmiddels overleden Newman gerestaureerd. Maar dan wel met de verfroller en de verkeerde verf. Niets bleef er over van de duizenden met zorg en in vele kleuren rood aangebrachte verfstippen. Wederom wist het kunstwerk grote deining met diverse processen vandien teweeg te brengen. Aartje vind het doek prachtig en raakt ondanks het leeftijdsverschil verliefd op Derk (het vuur). Ze gaan samenwonen. Helaas wordt bij Derk na een tijdje Parkinson geconstateerd. Hij gaat achteruit, Aartje kan dit niet verwerken en vertrekt. Derk is als het schilderij beschadigd en alleen door een ingrijpende operatie kan er iets aan worden gedaan. Lang deinst hij terug voor de pennetjes die in zijn hersenen moeten worden geplant. Tot zelfs hij begrijpt dat er van keuze niet langer sprake kan zijn. Het is echter een waagstuk. Los van de risico’s die iedere operatie nu eenmaal met zich meebrengt kan de ingreep ook veranderingen in zijn gedrag veroorzaken. Derk zet echter de grote stap en ondergaat de hersenoperatie, waardoor hij weer opknapt en zijn levenslust terugkeert. Hij stuurt anderhalf jaar later een brief aan Aartje. Daarna vindt een ontmoeting tussen de twee plaats, waarbij ze hun relatie overzien. Aartje, heeft als kunstenares zelf haar draai gevonden in nieuw werk. Het wordt geëxposeerd en samen met Derk bekijken ze de collectie. Beïnvloed door het doek ‘Wie is er bang…..’ maakte Aartje nieuw werk, waarin zij haar eigen oplossing vindt. Uit dat werk spreekt een verbond dat ze beiden laat ontsnappen aan hun beperkingen. Meine Fernhout schreef met 'De stem van vuur' een waardige opvolger van 'De blinde kamer' deie lezer doet genieten maar ook aan het nadenken zet.

 | Reacties (0)Delen |
0 reacties: