De lichtverkoper

Gelezen door: André Oyen (3256 boeken)

Citaat: "Moest hij nu bidden om God te bedanken? Mocht hij nu vragen om een beetje meer? Nee. Hij bad niet. God moest eerst maar eens laten zien dat hij er ook voor de gewone mensen was."

Als journalist, onder meer voor de Volkskrant, reisde Ton van Reen de hele wereld af. In Afrika werd hij getroffen door de armoede en begon hij enkele projecten ter bestrijding van de armoede, waaronder de Stichting Lalibela in Ethiopië, die hij in 1999 samen met zijn zoon David oprichtte. In 1965 debuteerde hij met zijn gedichtenbundel Vogels. Vanaf dat jaar schreef Van Reen in totaal 32 luisterspelen voor de radio. Een jaar later verscheen zijn eerste roman: 'Geen oorlog'. Zijn eerste kinderboek, de verhalenbundel 'De toverring en andere heksenverhalen', kwam in 1985 uit. Hij schreef meer dan vijftig boeken: romans, verhalen, reisverslagen, gedichten en jeugdboeken. Bekend zijn de vier jeugdboeken over de Bokkenrijders: 'Ontsnapt aan de galg' (1986), 'Vurige ruiters' (1989), 'De gesel van het zwarte goud' (1992) en 'Het loon van de duivel' (1994). Deze boeken zijn in 1994 verfilmd tot de televisieserie De Legende van de Bokkenrijders. Zijn œuvre voor de volwassen lezer speelt zich deels af in Noord-Limburg, de streek waar Van Reen opgroeide. Bekend zijn onder meer de romans 'Het winterjaar' (1986), 'Roomse meisjes' (1990), 'Brandende mannen' (1997), 'Gevallen ster' (1999), de novelle 'Thuiskomst' (1988) en de verhalenbundel 'In het donkere zuiden' (1988). Deze werken werden in 2005 opgenomen in de verzamelbundel Rijke levens. De laatste grote roman van Ton van Reen in dit genre is 'Gestolen jeugd' (2001), een titel die verwijst naar de ervaringen van enkele jonge mensen gedurende de oorlogsjaren in Limburg en Duitsland. Ook schreef hij het boek 'Vlucht voor het vuur', over de heksenprocessen in Limburg, dat in 1998 uitkwam. In 1988 kreeg Van Reen de Halewijn-literatuurprijs van de stad Roermond voor zijn complete œuvre. In 2002 ontving hij de Cultuurprijs van de gemeente Peel en Maas. In 2003 werd Ton van Reen benoemd tot Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw.

'De lichtverkoper' verscheen in 2013 al exclusief voor lezers van Dagblad De Limburger maar ligt nu anno 2019, voor het eerst in de boekhandel. Het is een wat Dickenssiaanse Roman over het 19e eeuws Maastricht. In 1873 zit de stad zit middenin de industriële revolutie. Net als vele andere stadbewoners kan de jonge Casper Marres maar net het hoofd boven water houden. De glas- en aardewerkindustrie floreert, de bazen zijn schatrijk, maar het arbeidersvolk crepeert. Na schooltijd verkoopt hij gaskousjes, petroleum en lampolie. Een goed leven op deze wereld is wat hij wil. Op straat ontmoet hij vreemde figuren, hij leert veel en denkt veel na. Maar hij moet de school verlaten om in de fabriek te gaan werken. Daar krijgt hij een ongeluk, en dan zijn ook zijn verdiensten weg. In zijn omgeving ziet hij nog veel ergere ellende: spiritusdrinkers, zelfmoord, prostitutie. Gelukkig vindt hij een weg om uit de miserie omhoog te klimmen. Door een zwaar ongeluk in de fabriek, waar kinderarbeid heel gewoon is, komt hij in het ziekenhuis terecht en leert daar Troef kennen, een voormalige weesjongen die hem leert wat vrijheid is. De schatrijke Regout en de andere fabrieksdirecteuren worden in hun liberale overtuigingen gesteund door behoudende geestelijken die de arbeiders leren dat de macht wordt geschonken door God en dat de armen de rijken moeten accepteren. De Lichtverkoper is de ontroerende geschiedenis van de arbeiders die langzaam tot het inzicht komen dat ze hun armoede en hun rechteloosheid niet langer moeten accepteren. Het is de geschiedenis van een grote meerderheid van armen die niet of nauwelijks in hun bestaan kunnen voorzien. Het is ook het verhaal van de paupers die op straat leven, de bedelaars, de prostituees en de invaliden die kansloos zijn in een harde maatschappij. Ook geel sterk uitgewerkt in deze roman is Casper zijn passie voor de fotografie en het licht.

 | Reacties (0)Delen |
0 reacties: